Standaard
Standaard
Algemeen voorkomen
Vrij slanke duif met een lengte van ongeveer 37 cm voor de doffer en 35 cm voor de duivin. Hij heeft een elegante en opgerichte houding zonder dat de staart de grond raakt 2/3 van het lichaam bevindt zich voor de inplanting van de poten.
Ras kenmerken
Kop Vrij lang, slank en glad, regelmatig gewelfd.
Ogen Roodoranje iris, uitgezonderd bij witte die een donker oog hebben.
Oogranden Dun, van licht naar donker naar gelang de kleurslag, maar nooit rood of geel.
Snavel De halflange snavel verschilt in kleur naar gelang de kleur: wit – roze bij de witten, hoornkleurig bij de dun kleurigen, geel- en rood zilvers, zwart bij de donkere variëteiten. De neuswratten zijn fijn en wit.
Hals Lang en recht.
Ballon Ovaal, Niet te groot en zeker niet bolvormig. Mag niet naar de kanten hellen. Van opzij gezien begint de ballon onder de bek en spreidt zich zo gelijkmatig mogelijk naar het verlengde van de borst. De ballon Is boven aan het breedst.
Lichaam Rechte houding. De rug is recht en smal, de borst is vlezig en het\ borstbeen lang en lichtjes vooruitspringend.
Vleugels Vlak aanliggend, lang en zich kruisend boven de staart. Let op de wat brede en hoog gedragen schouders. De vleugels zijn smal, zodanig dat de dij tot boven aan te zien is.
Staart Smal en vrij kort zodat hij de grond niet raakt.
Benen Weinig gespreid en halflang, zodanig dat bij opgerichte stand de goede staarthouding niet belemmerd wordt. De dijbenen zijn wat vooruit springend en duidelijk uit het lichaam tredend, de poten zijn onbevederd en intens rood. De nagels hebben dezelfde kleur als de snavel, afhankelijk van de kleurslag.
Bevedering Krap en vlak aanliggend tegen het lichaam, vooral bij de dijbenen.
Kleur en tekening
De typekleur is zwart tijger. Zuiver intense kleur in alle kleurslagen.
Variëteiten: roek, geband, geschelpt, getijgerd.
Roek wit, zwart, dun, rood en geel.
Geband zwart witgeband, dun witgeband, blauw witgeband, blauw zilver witgeband, rood zilver witgeband, geel witgeband
rood witgeband, isabel (dominant), blauw, blauw zilver, rood zilver, geel zilver, blauw schimmel.
Geschelpt Blauw, zilver, rood zilver, geel zilver
De hamering moet zo regelmatig mogelijk verdeeld zijn.
Getijgerd Zwart, dun, blauw, zilver, rood, geel.
Op gekleurde ondergrond een witte tijgering die zo regelmatig mogelijk verspreid moet zijn over het lichaam, uitgezonderd de vleugel- en staartpennen die gekleurd zijn ( zonder ontkleuring)
Ernstige fouten
Plomp lichaam, te rond, geen mooie rechte houding, te grote of te kleine gestalte. Ronde op platte kop. Rode, gele of brede oogranden. Gepareld of bleek oog, te kleine, te grote of bolvormige ballon. Naar achter gebogen hals. Te korte vleugels, hangend onder de staart, niet kruisende of juist overdreven gekruiste vleugels. Scheve, open gespreide of te lange staart (die de grond raakt).Stoppels aan loop benen, te kleine of te erg gespreide poten, rechte of te fel naar voren staande dijbenen. Andere nagel kleur dan snavel.
Uitsluitings fouten
Witte pennen in de vleugel of straat bij gekleurden; slab-, ekster en dominicaner tekening.
Beoordeling
Algemeen voorkomen, type en stand, ballon, poten, vleugeldracht, kleur en tekening.
Het type lijkt op dat van de Franse kropper met een iets naar voren komend borstbeen. Voor dit ras geldt de specifieke drie bogenlijn niet zo extreem als dit bij de franse kropper tot de ras kenmerken behoort. De dijbenen hebben een behoorlijke invloed op de bogenlijn maar mogen niet te extreem naar voren komen. Voor type bepaling is 2/3 van het lichaam voor en 1/3 achter de benen. De benen mogen niet te kort zijn maar wel in goede verhouding tot het lichaam. Door deze duidelijke ras kenmerken is het een ras met specifieke eigenschappen die niet direct op een ander ras lijken. Het is dan ook een ras dat niet de aandacht krijgt die het verdient.
Type-ideaal ballon te groot te grof staart te lang